Ik ken bijna niemand die uit eten gaan niet leuk vindt. Maar voor ieder met Type 1 Diabetes komt er net wat meer bij kijken, en is de eerste gedachte meestal: ‘oei, dat wordt lastig voor mijn bloedsuikers’! Gelukkig zijn er tal van manieren waarop uit eten gaan met Diabetes geen probleem hoeft te zijn, en de manier die het beste is hangt vooral van jouw persoonlijke voorkeuren af. Hier lees je mijn tips en tricks voor buiten de deur eten met Type 1 Diabetes. 

Om te beginnen is het belangrijk om goed te realiseren waarom je uit eten gaat.

Voor het gezelschap, samen lachen en verhalen vertellen, onder het genot van heerlijk bereid eten wat je niet elke dag voorgeschoteld krijgt. Het is een uniek moment, en dus belangrijk om hiervan te genieten. Om dit te realiseren is het belangrijk dat je wel genoeg aandacht geeft aan je bloedsuikers, maar dat je hier niet in verloren raakt. Dat is zonde van het moment. Doseer naar je beste weten, eet als een volwassene (i.p.v. uitgehongerde) en geniet! Toch een hoge bloedsuiker hierna? Niemand is perfect. Kijk of je ervan kan leren, corrigeer en leef verder.

Praktische tips

Voordat ik uit eten ga, kijk ik altijd eerst op de website om te kijken of je het menu al kan inzien. Op die manier kan je een idee krijgen van wat men serveert en welke gerechten passen binnen jouw voorkeuren voor dat moment. En ook al is dat niet helemaal het geval, dan hoeft dat nog geen probleem te zijn. En wel vanwege de volgende gouden regel:

Jij betaalt, dus jij bepaalt

Ik bestel zelden een gerecht zonder een aanpassing te vragen aan de ingrediënten. Eerst deed ik dit alleen zodat het inschatten van mijn insuline-dosis makkelijker werd (bijv. saus apart, bakken zonder olie, etc.), maar later ook gewoon vanwege smaakvoorkeur.

Eenmaal geserveerd

Wanneer je bestelling eenmaal voor je staat, is het cruciaal om even een moment goed het bord te analyseren. Persoonlijk deel ik het gerecht op in de drie welbekende macronutrienten (koolhydraten, eiwitten, vetten). Als ik dit heb gedaan, kan ik namelijk een goede inschatting maken hoeveel per macronutrient er hiervan aanwezig is, en wat dat mogelijk met mijn bloedsuikers gaat doen. Dit vereist wat oefening in het begin, en vooral applicaties als MyFitnessPal kunnen hier goed bij helpen. Hiermee leer je namelijk goed hoe groot porties daadwerkelijk zijn, en wat er precies in zit. Deze kennis kun je vervolgens meenemen naar het restaurant.

De compositie van de maaltijd bepaalt voor mij hoe ik er qua diabetes mee omga. Let me explain:

  • Optie 1: Hoog in koolhydraten & vetten
    Dit zijn de pizza’s, gefrituurd eten, etc. Dit is verreweg het lastigst qua diabetes, maar niet onmogelijk. Met een CGM weet je wanneer je moet bijspuiten door een handig alarmpje, maar als je net als ik een FGM/vingerprik hebt moet je bereid zijn om de eerstvolgende 6 tot 10 uur met regelmaat te controleren en bij te spuiten waar nodig. Dit omdat de vetten (zeker wanneer het transvetten zijn) ervoor zorgen dat de maaltijd veel langzamer verteerd wordt. Deze maaltijden vereisen vaak een opsplitsing in je dosering. Ik vind dit een intensieve methode, en eet daarom sporadisch maar dit soort maaltijden. Ook omdat het vaak de meest ongezonde varianten zijn.
  • Optie 2: Laag in koolhydraten, hoog in eiwitten en/of vetten
    De vlees en visopties, met hiernaast groentes. Dit zijn de makkelijkste gerechten voor je bloedsuiker. Ze vereisen in verhouding weinig insuline, en als er wel een stijging is vindt deze vaak later plaats en is deze vrij mild. Persoonlijk ga ik vaak voor dit soort maaltijden in een periode waar ik buitengewoon vaak uit eten ga, zoals op vakantie.
  • Optie 3: Hoger in koolhydraten, lager in vet
    Pasta’s met rode sauzen, broodjes met mager vlees/kip, rijstgerechten, aardappels met rode saus (i.p.v. mayo), etc. Hierbij draait alles om hoe goed jij je dosering kan inschatten. Is deze goed, dan is er weinig gedoe achteraf. Ook hiervoor helpt het om thuis veel te oefenen, o.a. met de eerder genoemde MyFitnessPal app. Als je dit goed kan, is dit wat mij betreft een beetje de gulden middenweg, en de optie waar ik dan ook vaak voor ga.

Afhankelijk van de situatie waarin ik me bevind, kies ik gerechten met een bepaalde compositie. Als ik bijvoorbeeld na het eten ga slapen, is het niet handig om te gaan voor optie 1, want er kan nog van alles gebeuren met je bloedsuikers en je wil het liefst wakker zijn om hier bovenop te zitten. Heb ik een hypo? Doe mij dan maar optie 3.

Meer leren over macronutrienten en de werking op je bloedsuikers? Lees dan mijn e-book ‘Fit met Diabetes’!

Optie 2

Pre-bolus

Een van de belangrijkste methodes welke ik gebruik voor stabielere bloedsuikers is de ‘pre-bolus’: 10 tot 20 minuten voordat je daadwerkelijk gaat eten, doseren. Dit geeft de insuline de kans om te gaan werken, zodat het mooi aansluit op wanneer jij gaat eten en je op die manier een piek in bloedsuikers kan voorkomen. Het probleem wanneer je uit eten gaat is dat je niet helemaal weet hoe je maaltijd eruit ziet, tot hij voor je neus staat. Daarom prik ik pas op dat moment, maar eet ik eerst de ingrediënten die het minst effect hebben op mijn bloedsuikers, namelijk de eiwitten en de groentes. Dit geeft de insuline de kans om te gaan werken tegen de tijd dat je aan de koolhydraten begint.

Tot slot

Belangrijk is om in te zien dat je kunt genieten van al het soort eten, en dat niks ‘verboden’ is. Dit helpt je met het behouden van een gezonde en goede relatie met voeding. Het is natuurlijk wel belangrijk om te leren hoe je jouw diabetescontrole hierop het best kan laten aansluiten. Dit vereist oefening, met vallen en opstaan.